Krant: Opening van de vernieuwde systeemtuin (16/10/2017)

de-snoo-plant-pawpaw

Wilfred Simons schreef voor Leidsch Dagblad een artikel over de opening van de vernieuwde systeemtuin in de Hortus botanicus Leiden. Samen met Gerda van Uffelen had ik het genoegen een korte lezing te geven ter gelegenheid van de opening.

Met het planten van een pawpawboom legden de Leidse wethouder Paul Dirkse en decaan Geert de Snoo van de faculteit der Wiskunde en Natuurwetenschappen gistermiddag de laatste hand aan de nieuwe systeemtuin van de Hortus botanicus. Alhoewel, laatste hand? Het lijkt onwaarschijnlijk dat de indeling van de systeemtuin niet meer zal veranderen. De evolutie van het plantenrijk is zo ingewikkeld, dat daarin nog veel nieuws te ontdekken valt. Twaalf jaar geleden richtte hoofd collectiebeheer Gerda van Uffelen de eerste systeemtuin in; nu al zijn er zoveel nieuwe ontdekkingen gedaan, dat niet één van de 33 bedden gelijk kon blijven.

De vraag hoe planten bij elkaar horen, houdt biologen al eeuwen bezig. Het bekendste classificatiesysteem is dat van Carolus Linnaeus (1707-1778). Hij bedacht een eenvoudig systeem, waarin planten werden ingedeeld op aantallen stampers en meeldraden. Daardoor, zei Van Uffelen tijdens de feestelijke opening van de vernieuwde tuin, konden ze gemakkelijk worden ingedeeld. Een belangrijk voordeel was ook dat behalve geleerden ook gewone natuur- en tuinliefhebbers de indeling konden begrijpen. Iedereen die zich met planten bezighoudt, kan ze met het systeem van Linnaeus gemakkelijk in botanische handboeken of veldgidsen terugvinden, simpelweg door het aantal meeldraden en stampers te tellen.

Maar het systeem van Linnaeus is heel kunstmatig. De lelie en de yucca bijvoorbeeld hebben evenveel stampers en meeldraden, maar met één blik op beide planten is het duidelijk dat ze onmogelijk familie van elkaar kunnen zijn. Biologen hadden altijd behoefte aan een indeling in natuurlijke groepen. Van grassen, palmen, varens en schermbloemigen is het snel duidelijk dat ze familie zijn, maar de natuur weet zelfs de meest doorgewinterde bioloog te verrassen. Pas met de opkomst van DNA-analyse, sinds het eind van de vorige eeuw, is het mogelijk geworden om familieverwantschappen ondubbelzinnig vast te stellen. Ook kunnen biologen nu beter zien hoe de evolutie van planten is verlopen – en hoe hij verloopt. Over een paar miljoen jaar zal de plantenwereld er beslist anders uitzien dan nu, zei de Leidse botanisch filosoof Norbert Peeters. De orchideeën zijn bijvoorbeeld druk bezig nieuwe soorten te vormen. De vernieuwde systeemtuin voldoet nu aan de normen van een groep specialisten, die zich hebben verenigd in de Angiosperm Phylogeny Group. Vorig jaar publiceerden zij ’APG4’, de vierde versie van hun indeling van het plantenrijk. Tot tevredenheid van W&N-decaan De Snoo is de Leidse Hortus de eerste botanische tuin in Nederland die de 46 ’orden’ van het plantenrijk volgens de laatste wetenschappelijke inzichten kan laten zien. Er zit ook een praktische kant aan de indeling volgens ’APG4’. Zo komen bepaalde nuttige stoffen vaak alleen in een groep van verwante soorten voor. Dat vergemakkelijkt de zoektocht naar planten die zulke medicinale, cosmetische of andere nuttige stoffen maken.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>